Marith Iedema. Taboe HIV

Het taboe is het probleem, niet hiv

Mijn telefoon gaat. Het is vriendin W. ‘Ha schat,’ zeg ik. Ze beantwoordt mijn groet met gekreun. ‘Oh Marith, ik heb zóiets doms gedaan.’ Ik ga rustig verder met het opvouwen van mijn was. ‘Iets doms’ kan van alles betekenen, dus er is geen reden voor paniek. Waarschijnlijk heeft ze haar sleutels in de deur laten zitten – dat zou niet de eerste keer zijn. Ik vraag wat eraan scheelt. Diepe zucht. W. vertelt dat ze zojuist een soa-test heeft gedaan. De reden: twee weken geleden had ze nogal ‘een wild weekend’. Ze belandde in bed met twee mannen, en drie vrouwen. De seks was fantastisch. So far, so good. Ze schraapt haar keel. Het probleem: in het heetst van de strijd werden de condooms achterwege gelaten. ‘En sinds die avond ben ik hartstikke ziek.’ Ik begrijp ineens welke kant dit gesprek op gaat. ‘Ik vroeg net aan mijn arts of de symptomen van hiv nu al merkbaar kunnen zijn. Hij antwoordde dat ik acute aids kon hebben, of zoiets.’

Ik weet niet wat ik moet zeggen. ‘Oh nee. Dat betekent het einde van mijn leven,’ jammert W. Ik steek haar een hart onder de riem, wens haar veel sterkte en hang op met het gevoel dat het vast wel los zal lopen. Toch laat haar verhaal me niet los. Hoe zit het tegenwoordig eigenlijk met hiv; ís je leven werkelijk over, als je geïnfecteerd bent met het virus?

Schaamte

Ik ga op onderzoek uit en kom in contact met P. De 43-jarige vrouw is sinds 2006 hiv-positief. Ik vertel het verhaal van vriendin W. ‘Acute aids bestaat niet,’ zucht ze geërgerd. ‘Een acute hivinfectie wél.’ Er zijn zoveel misverstanden en vooroordelen als het hiv betreft, weet zij. Ik zeg niks, in de hoop dat ze me zal uitleggen wat het verschil tussen een hivinfectie en aids nou precies is. Gelukkig doet P. dat. ‘Hiv tast ons afweersysteem aan,’ legt ze uit. ‘Ben je geïnfecteerd, en laat je je niet behandelen dan kan je aids krijgen, uiteindelijk.’

Aids is dus het laatste stadium van een hiv-infectie. P.’s wereld stortte in, toen ze hoorde dat ze geïnfecteerd was met het hiv-virus. ‘Veel mensen gaan ervan uit dat ik er een wild seksleven op nahield. Dat is zo’n typisch vooroordeel.’ P. raakte geïnfecteerd door onveilige seks met haar ex. Haar nieuwe vriend wilde niet dat P. haar familie en vrienden inlichtte. Hij schaamde zich. Dus zweeg ze. Net als veel van haar lotgenoten. ‘Hiv is een enorm taboe,’ zegt ze. ‘Maar dit geheim dagelijks met je meedragen is loodzwaar.’ Op de vraag of haar leven erg is veranderd, sinds 2006, antwoordt ze ontkennend. ‘Ik kan alles dat ik zonder hiv ook had gekund.’ Al let P. natuurlijk wel extra op haar gezondheid. Ze sport veel en eet veel groente en fruit.

‘Hiv is al lang het probleem niet meer, het taboe is het probleem.’ P. is tegenwoordig weer single en ziet altijd als een berg op tegen het ‘vertelmoment’. De reacties verschillen, maar één ding is altijd hetzelfde: de onwetendheid van mensen als het hiv betreft.  ‘Het is vermoeiend steeds in de rol van voorlichter te moeten kruipen. Maar omdat het belangrijk is, doet ze het. Net zoals nu. Ik bel W. in de hoop haar een beetje gerust te stellen. Zelfs áls ze geïnfecteerd is met het hiv-virus, is haar leven niet over. Ze neemt op en barst meteen los: ze heeft geen acute hiv-infectie. Wel chlamydia, op twee plaatsen.

Laatst herzien op

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top